Taal:
  Valuta:






Details publicaties

Psychosociale factoren bij wondgenezing Keuze van Redactie
Toegevoegd: 02/10/2008, Hits: 2.535, Beoordeling: 0, Recensies: 0, Stemmen: 0
Psychosociale factoren bij wondgenezing
Uit: Masterclass 13 2008

Psychosociale factoren  bij wondgenezing

Marco Warbout, verpleegkundig specialist somatiek bij pychiatrisch ziekenhuis Reinier van ArkelGroep in Vught, ging in zijn presentatie in op het nog grotendeels onontgonnen terrein van de psychosociale aspecten bij wondzorg.


Het EWMA-position document heeft de titel ‘Moeilijk te genezen wonden: een holistische aanpak.’ Bij een holistische benadering gaat het om alle aspecten die de genezing kunnen beïnvloeden: de fysieke, de mentale/emotionele en de biochemische/voedingsaspecten.
Deze benadering verschilt van het monisme, waarbij het fysieke voorop staat, van het dualisme, waarbij mind en body gescheiden zijn en van het parallelisme, waarbij mind en body verbonden zijn. Vaak zijn wondverpleegkundigen puur bezig met de wond. Terwijl er steeds meer bewijs is dat ook psychosociale aspecten van invloed zijn op de wondgenezing.

Kwaliteit van leven
Tijdens een onderzoek naar de kwaliteit van leven van de gemiddelde Nederlander (zonder chronische wond) is gekeken naar de items mobiliteit, zelfzorg, dagelijkse activiteiten, pijn/andere klachten, angst/ depressie, cognitie en psychisch welbevinden. Daaruit blijkt: hoe hoger het opleidingsniveau, hoe minder psychische klachten er op die items zijn. Ook blijkt dat alleenstaanden een slechtere kwaliteit van leven hebben dan samenwonenden en dat een lage sociaaleconomische status gepaard gaat met psychische ongezondheid. Vrouwen hebben op alle items meer klachten dan mannen. Samenwonenden hebben de beste psychische gezondheid.
Het EWMA-position document maakt melding van een onderzoek uit 1998 van Franks and  Moffatt naar de mogelijke invloed van de kwaliteit van leven op een vertraagde wondgenezing. Bij mensen met chronische sociaal isolement, impact op het dagelijks leven, emotionele problemen, verminderde mobiliteit, sociale interactie en geur.
Hun conclusie is dat de kwaliteit van leven inderdaad invloed heeft op een vertraagde wondgenezing. Chase et al. hebben in 1997 een soortgelijk onderzoek verricht. Zij concluderen dat de interactie tussen de psychische reactie op, en het kunnen omgaan met het hebben van een chronische wond zich uit in een permanente staat van ‘gewond’ zijn. Briggs en Flemming stelden daarop in 2007 voor patiënten met een chronische wond hetzelfde te benaderen als een patiënt met diabetes of een ander chronisch ziektebeeld: de patiënt moet voor de rest van zijn leven onder controle blijven.

Wondbehandeling in de psychiatrie
Wondbehandeling in de psychiatrie verdient een andere benadering dan in de somatische zorg. Zo speelt littekenvorming als gevolg van automutilatie een grote rol. Vaak hebben mensen met psychiatrische aandoeningen grote last van hun littekens, bijvoorbeeld in hun seksuele relatie. Bij littekens zijn zenuwbanen beschadigd wat een andere gevoelssensatie oplevert. Velen schamen zich voor hun littekens en durven daarom bijvoorbeeld geen korte mouwen te dragen. Aandacht kan bij psychiatrische patiënten
averechts werken. Er zijn patiënten die de aandacht van een wondverpleegkundige zo prettig vinden, dat ze telkens opnieuw automutileren. Ook hebben zij weinig gezondheidsinzicht; patiënten hebben vaak hevig geïnfecteerde wonden, waarmee zij pas laat een zorgverlener bezoeken. Een psychiatrische patiënt heeft per definitie een slechte van zware medicijnen – vaak niet meer in staat tot handelingen. Adviezen voor een goede wondzorg hebben geen effect. Hij is de laatste die dagelijks een wond gaat spoelen als hij een paar maanden niet meer gedoucht heeft.

Casussen
Een 22-jarige psychotische en suïcidale patiënt had zichzelf in brand gestoken en heeft forse littekens over zijn hele lichaam. Hij heeft bovendien een open wondje op zijn scheenbeen, dat maar niet dicht gaat. De wondconsulent komt er naar verloop van tijd achter dat de patiënt zelf de wond openhoudt, om aandacht te krijgen. De wondbehandeling wordt daarop stopgezet. Een 28-jarige patiënt met een borderline stoornis heeft haar borsten verbrand. Hierdoor zal de aanraking van haar borsten nooit meer een lustsensatie geven. Ook is haar gezondheidsinzicht zwak. De kwaliteit van leven is bij deze patiënt een vicieuze cirkel: elke keer zal zij weer iets doen waardoor haar kwaliteit van leven vermindert.
Een 48-jarige patiënt met een borderline stoornis, die fors mutileert door middel van snijden. Zij is getrouwd en heeft met name veel problemen in haar seksuele relatie. Zij heeft ontzettend veel schaamte naar haar omgeving en durft bijvoorbeeld niet te zwemmen omdat de littekenvorming op haar armen en benen dan door anderen wordt gezien. Beide aspecten hebben grote invloed op haar kwaliteit van leven.





Een casus. Een 42-jarige patiënt die chronisch psychotisch is, met onder meer
decubituswonden en een automutilatiewond.
Haar gevoelsleven, zowel psychisch als fysiek, is nihil. Een gevolg
hiervan is dat zij niet draait in bed en niet verzit op een stoel. De uitdaging voor het
verzorgend team is om in samenwerking met de patiënt de wonden toch dicht te krijgen.





Een casus. Een 85-jarige patiënt met Katatone schizofrenie; hij ligt continu in
een foetushouding. Deze patiënt heeft cognitieve stoornissen, waaronder
geheugenstoornissen, en is diabeet.
Uit bloedonderzoek blijkt dat hij een HB-gehalte van 2.1 heeft – de gestoorde
microcirculatie leidt bij deze patiënt tot forse decubituswonden op zijn voeten.
Bij deze patiënt leiden de immobiliteit, de contracturen, het ziekte-inzicht en het
sociaal isolement tot een slecht psychisch welbevinden. Het is zeer
moeilijk om deze patiënt te behandelen.




Andere psychosociale aspecten
Ook andere psychosociale aspecten spelen een rol bij kwaliteit van leven en wondgenezing. De partner van iemand met een chronische wond met een onaangename geur zal waarschijnlijk in een ander bed slapen, wat uiteraard gevolgen heeft voor de seksuele relatie. Vaak vragen zorgverleners niet naar dit soort aspecten. Mensen met chronische wonden draaien vaak hun dagnachtritme om, want ’s nachts ervaren zij meer pijn dan overdag. Dat is vervolgens van invloed op de cortisolspiegel en daarmee op de wondgenezing; cortisol is behalve een stresshormoon ook een ontstekingsremmer. Een
ontstekingsreactie is een normale fase in de cascade van wondgenezing. Angst/depressie en pijn zijn eveneens van invloed bij moeilijk te genezen wonden. J. Jones, W. Barr,
J. Robinson en C. Carlisle stelden in 2006 dat pijn de meest significante factor is bij het ontstaan van angst en depressies. Vervolgens concludeerden A. Cole-King en K.G. Harding in 2001, overigens na onderzoek depressie leiden tot een vertraagde wondgenezing.
Uit onderzoek blijkt ook dat een hoge VAS-score - een meetlat voor pijn - een indicatie is voor een moeilijk te genezen wond. Maar ook een lage VAS-score is een indicatie voor een moeilijk te genezen wond. Immers, er klopt iets niet als iemand geen pijn, een waarschuwingssignaal, voelt. De pijnbeleving van psychiatrische patiënten verschilt van niet-psychiatrische patiënten.
Bij psychiatrische patiënten wordt vaak een bijzonder lage VAS-score gemeten. Dit kan het gevolg zijn van het psychiatrisch beeld zelf of de behandeling daarvan; psychofarmica leiden tot een andere pijnperceptie.

Hard to heal
Wonden in de psychiatrie zijn per definitie hard to heal. Een psychosociale wondanamnese, met onder meer een meting van de kwaliteit van leven, dient dan ook een essentieel onderdeel te zijn van de behandeling van wonden, zowel van moeilijke als van makkelijke.

Voeg toe aan favorieten




Recensies (0)

Wees de eerste om een recensie te geven


Gerelateerde items

Verschenen! Superzorg Masterclass 13